Maandelijks archief: juli 2007

Snel

Het is een tijdje dat ik weer wat heb geschreven en dat kan twee dingen betekenen; ofwel is er veel aan de hand, maar hebben slechts enkelen daar zaken mee en ga ik het dus niet op het net gooien, of wel is er helemaal niks spannends te beleven en schrijf ik in een saai moment iets over mijn voeten om het dan te wissen. Natuurlijk is het een mix van die twee, want het leven is veel te moeilijk om zomaar in twee te delen en blablabla.

En het lijkt allemaal zo snel te gaan dat ik geen zin had om dat allemaal op te schrijven. En nog niet. Een verslag is simpelweg te bekomen door mij op te bellen en uit te nodigen voor een koffie, of beter nog, avondeten met een lekker Anjou-wijntje erbij (ik gebruik nu Anjou-wijn omdat ik dat in een stripverhaal heb gelezen en dat klinkt lekker gesofisticeerd). Voornoemde wijn zal ik zelf wel procureren, want ondankbaar ben ik niet voor gratis eten.

Want we hebben tussen nu en afro-latino gehad; rock herk, gentse feesten, meditatieweekendje, ne trouw en veel op-en-af gereis. Ik zal NIET over de ring rond Brussel beginnen, want compleet harteloos ben ik nu ook weer niet. Wat het gevoel van snel geeft is dat ik veel in de auto heb gezeten, en dus op veel plaatsen heb gezeten, en de gedachte dat ik daardoor vanalles heb meegemaakt.

Pak vandaag en gisteren bijvoorbeeld. Gisteren ben ik opgestaan in Gent, heb mijn broer met vrouw en zoonlief bezocht in Hove en ben gaan slapen in Leuven. Daarop wakker geworden en doorgereden naar Limburg. Dat valt allemaal nog wel mee, en ik zit per rit maar een uurtje in de wagen (die nog altijd zeer comfortabel rijdt) maar het breekt de dag wel op in stukjes. En als ik langer dan een half uurtje in de auto zit dan ben ik ook altijd wat duf als ik uitstap na tien keer proberen te parkeren. Het weekend weer van hetzelfde. Vrijdag opgereden naar Leuven (van Gent), de zaterdag weer door naar de voerstreek, en de zondag naar de feesten met een stop in (alweer) Leuven om de Joene op te halen.

En dit is nog maar van een week. Ik bedoel maar. De laatste maand heb ik geen vijf dagen aan een stuk thuis gezeten (althans niet wat ik me kan herinneren).

Met al die stoppen en overstappen is mijn verhuis natuurlijk ook alweer zowat gedaan, omdat ik van het principe ben ‘als je de trap opgaat pak dan ook meteen een doos mee’. Het is de meest relaxe verhuis ooit. Geen gestress met mensen die moeten opgetrommeld worden, gedoe om een geschikt plekje te zoeken of gekibbel om een paar dagen eerder te mogen verhuizen. Het is altijd wel een beetje minder om dat alleen te doen, maar er wachten toch twee lieve dames in Leuven (en gelukkig zijn die al zindelijk). En ruimte. Lieve mensen, ik heb de slaapkamer van mijn dromen met een fatsoenlijk bed sinds jaren. En aan al die lui die zeggen dat ze liever stoer op de grond liggen met enkel een matras; veel plezier met de ruggemergstering.

Het huis ligt lekker buiten de stad, zodat ik in de rust zit (ongeveer een beetje zoals nu, behalve dat ik het contact met de buren zal moeten missen, zoals daar zijn de dement buurvrouw die midden in de nacht op god-weet-wat begint te kloppen) maar toch maar een kwartiertje fietsen van het midden van de stad, zodat een stapje in de wereld zetten geen probleem is. Er is ruimte, licht en.. ja ook liefde, vooral van de poezen die er al helemaal thuis zijn. En een bad. Ik argumenteer altijd dat een beschaving pas echt beschaafd is als ze kleverige drankjes kan maken met ijs erin (ijs kunnen maken is heel belangrijk. take that, oud-Egypte), maar een ligbad komt al goed op de tweede plaats.

Het nadeel is dan weer wel dat ik mijn laatste dagen in Gent mag verslijten met het staren naar de laatste rollen toiletpapier, een dweil en zo’n doos met rommeltjes die je nooit echt goed toekrijgt, hoe goed je de inhoud ook sorteert (dat wordt altijd tot het laatst bewaart, omdat je er nooit een plaats voor weet).

En voor de zoveelste keer bevind ik mij weer in een soort limbo, een overgangsfase tussen twee manieren van leven. Nieuw huis, nieuwe job, nieuwe omgeving (oude vrienden) terwijl ik weer maar eens mijn koers verander naar een nieuwe horizon.

Laatst was er een gesprek en iemand opperde dat iedereen wel ergens naar op zoek was. Wanneer men mij dus vroeg of ik ook ergens naar op zoek was (om het punt nog maar eens in de verf te zetten zeg maar) flapte ik er natuurlijk weer uit ‘nee, eigenlijk niet’. Voordat we hier weer in de val van ‘hahaha lekker tegendraads antwoorden’ gaan trappen moet ik eigenlijk zeggen dat het wel klopt. Hoewel ik het wel half voor de grap zei besefte ik dat het wel waar was op dat moment. Ik ben eigenlijk nergens meer naar op zoek. Ik vind en zie dingen genoeg. En voor mezelf heb ik al een tijdje uitgemaakt dat er een groot verschil is tussen wat je wilt dat er gebeurt en wat er werkelijk aan de hand is.

Dat is allemaal lekker filosofisch en bewijst toch maar weer dat al die ritjes in de auto met altijd dezelfde cd op goed zijn voor zelfreflectie.

Maar in Gent heb ik niks meer te zoeken. En dat gaat niet over de mensen, want er zijn er een aantal die ik wel zal missen (en hard ook), maar toen ik terug kwam van een zonnige dag in Leuven en mijn studio er koud en miserabel uitzag besefte ik dat de fun days daar over waren. Kort erop hadden de buren (puberzoontje) weer eens slaande ruzie, zodat mijn ogen weer eens lekker konden rollen. Het ligt er soms wel dik op.

Opgedragen aan Ingrid 😉